Column: Zelfvoorzienend

 

Mijn vriend appte op een ochtend: “Ik neem tien kuikentjes mee”. Toen ik de auto de oprit op hoorde rijden, rende ik direct naar buiten om met de kleine kuikentjes te knuffelen. Ze kregen een mooi hok in de schuur. Mijn vriend was hun moeder. Alle keren als hij heen en weer door de schuur liep, renden ze luid piepend achter hem aan.

Natuurlijk gaf ik ze ook wel eens te eten en wat mij toen opviel was het tempo waarop ze groeiden. Het leek wel of ze elke dag een keer zo groot werden! Elke keer dat ik met wat eten kwam, was het een uurtje later helemaal op. “Wat zijn dat eigenlijk voor kuikens”, vroeg ik op een ochtend nadat ik net tien megakuikens gevoerd had. “Het zijn Ros 308”, zei mijn vriend, “oftewel plofkippen”.

Het idee van mijn vriend was om deze plofkippen een beter leven te geven dan in de kippenfabriek. Daar worden ze namelijk al na vijf of zes weken geslacht. Bij ons mogen ze lekker in de tuin scharrelen en na een paar maanden zal mijn vriend ze slachten voor een mooi feestmaal. Hij doet dat samen met zijn culinaire maat, die zelf ook wel kippen zou willen hebben, maar op twaalf hoog in Amsterdam woont. Moet er een verse kip klaargemaakt worden, dan maakt hij graag een ritje naar Friesland.

Het ging allemaal precies zoals bedacht. Alleen mijn vriend kreeg steeds meer moeite met het slachten van de beestjes. Wat bleek: plofkippen zijn de liefste kippen die er bestaan. Zo gefokt dat ze niet agressief zijn en niet op elkaar pikken. En dat je ze zo oppakken kunt, omdat ze helemaal niet schuw zijn. Als ik naar buiten loop met eten dan vliegen de ‘gewone’ kippen weg. De plofkippen komen vrolijk waggelend op mij af en denken alleen maar: “eten, eten, eten!”

De laatste drie plofkippen hoeven de pan niet in. Ze mogen bij ons hun oude dag uitzitten. En wie weet ontstaat er wel liefde tussen de plofkippen en de ‘gewone’ kippen. Daar komt vast een bijzonder ras uit. We laten de beestjes met rust en genieten van het idee dat we ze een mooi leven geven. Althans, we denken dat we ze een mooi leven geven… Op een ochtend zien we de haan heel vreemd op zijn kont zitten. De poten recht voor uit. Wat is het geval? Hij is door z’n poten gezakt. Zijn dikke plofkippen-lijf kon hem niet meer dragen. Mijn vriend heeft hem uit zijn lijden verlost. Zes-en-een-halve kilo was hij! Dat is net zo zwaar als een kalkoen.

Waar we de plofkippen een beter leven geven wilden, mislukte dat totaal. Doodgaan omdat je door je poten zakt, is wel heel erg zielig. Mijn vriend en ik zaten ermee. We werden er erg bewust van dat het fenomeen plofkip door de mens zelf gecreëerd is. Als je een plofkip oud wil laten worden, dan moet je het beest uithongeren. Anders ontploft hij!

Voor ons geen plofkippen meer. Volgende keer maar weer gewoon wat Barnevelders. Volgens mij staan er hier vlakbij een paar te koop. En hadden ze daar ook geen pauwen?

Voor Omrop Fryslân schrijf ik eens in de twee weken een column. Deze is te beluisteren in het Fries via:  https://www.omropfryslan.nl/nijs/1038573-kollum-selsfoarsjennend



Comments are closed.